Meer dan de helft van de Nederlandse frisdrinkers vindt dat het statiegeldsysteem het afgelopen jaar is verbeterd. Vooral het grotere aantal innamepunten en verbeteringen aan statiegeldautomaten worden positief beoordeeld. Tegelijkertijd blijft het systeem kampen met knelpunten en worden de wettelijke inzameldoelstellingen nog niet gehaald.

Dat consumenten positiever zijn geworden over het systeem, blijkt uit het Nationale Frisse Dranken Onderzoek 2026. Onderzoeksbureau Ruigrok voerde dit onderzoek uit in opdracht van branchevereniging Frisdranken, Waters, Sappen (FWS).

Voor het onderzoek werden de antwoorden van 931 frisdrinkers van 18 jaar en ouder gewogen en geanalyseerd. Daarnaast ondervroegen de onderzoekers jongeren vanaf 14 jaar om verschillen tussen generaties in beeld te brengen.

Omdat FWS zelf belangenbehartiger is van producenten van frisdranken, waters en sappen, moeten de conclusies uit het onderzoek wel in die context worden gelezen.

Wachtrijen blijven bron van ergernis

Volgens FWS ervaart inmiddels meer dan de helft van de ondervraagde frisdrinkers een verbetering van het statiegeldsysteem. De uitbreiding van het aantal locaties waar consumenten hun verpakkingen kunnen inleveren en aanpassingen aan de automaten dragen daar volgens de respondenten aan bij.

Probleemloos werkt het systeem nog allerminst. Van de ondervraagde frisdrinkers noemt 43 procent wachttijden bij de automaten als belangrijkste knelpunt.

Dat probleem is niet nieuw. De Inspectie Leefomgeving en Transport (ILT) concludeerde eerder al dat het voor consumenten gemakkelijker en aantrekkelijker moet worden om statiegeldverpakkingen in te leveren. De inspectie verplichtte Verpact daarom onder meer om vóór 1 januari 2027 minimaal 5.400 extra uitbetalende inleverpunten te realiseren.

Inzameling stijgt

Tegelijkertijd stijgt het aandeel verpakkingen dat via het statiegeldsysteem terugkomt. Volgens de nieuwste cijfers die FWS aanhaalt, wordt inmiddels 86 procent van de statiegeldblikjes en 78 procent van de statiegeldflessen ingezameld.

Die cijfers passen bij de ontwikkeling die eerder dit jaar zichtbaar was. In maart meldde FWS op basis van cijfers van Statiegeld Nederland dat meer dan 85 procent van de blikjes en bijna 80 procent van de flesjes werd ingezameld.

Dat is een duidelijke verbetering, maar de percentages vragen enige uitleg. Voor zowel metalen drankverpakkingen als plastic drankflessen geldt een wettelijke inzameldoelstelling van 90 procent.

Voor plastic flessen wordt die norm al meerdere jaren niet gehaald. De ILT houdt daarom toezicht en voert een handhavingstraject tegen Verpact, de organisatie die namens producenten en importeurs verantwoordelijk is voor de inzameling en recycling.

Over 2024 rapporteerde Verpact aanvankelijk een inzamelpercentage van 77 procent voor plastic flessen. Na een aanwijzing van de staatssecretaris over welke flessen voor de handhaving moesten worden meegeteld, kwam dit percentage uit op 83 procent.

De formulering van FWS dat de wettelijke doelstellingen ‘dichterbij komen’ klopt daarmee in letterlijke zin, maar verhult dat de wettelijke norm voor plastic flessen al sinds 2022 geldt en nog steeds niet wordt gehaald.

Duizenden extra innamepunten

Om het systeem toegankelijker te maken, breidt Statiegeld Nederland het netwerk van innamepunten uit. Volgens FWS kwamen er in de eerste helft van 2026 2.536 uitbetalende innamepunten bij.

Daaronder bevinden zich naast reguliere automaten ook statiegeldretourshops en zogenoemde bulkmachines. Bij die laatste hoeven consumenten blikjes en flessen niet meer stuk voor stuk in een automaat te stoppen, maar kunnen meerdere verpakkingen tegelijk worden ingeleverd.

Statiegeld Nederland zegt in 2026 ongeveer 120 miljoen euro te investeren in verdere verbetering van het systeem. Daarbij gaat het onder meer om meer innamepunten, eenvoudiger doneren van statiegeld, vermindering van zwerfafval en campagnes om consumenten tot inleveren aan te zetten.

Producenten blijven verantwoordelijk

FWS-directeur Robert Seegers benadrukt in een reactie vooral de rol van de consument. Volgens hem levert iedereen die flesjes en blikjes terugbrengt een bijdrage aan een circulaire economie.

Dat is juist, maar legt slechts een deel van de verantwoordelijkheid bij de juiste partij. Wettelijk ligt de verantwoordelijkheid voor het behalen van de inzameldoelstellingen bij producenten en importeurs. Verpact voert die verantwoordelijkheid namens hen uit.

De ILT stelt expliciet dat Verpact de wet overtreedt zolang de verplichte inzamelnorm voor plastic flessen niet wordt gehaald. De inspectie heeft daarom verschillende maatregelen opgelegd om het aantal innamepunten te vergroten en consumenten sterker te stimuleren hun verpakkingen terug te brengen.

De consument speelt dus een belangrijke praktische rol door een leeg blikje daadwerkelijk in een automaat te stoppen. De wettelijke verantwoordelijkheid om ervoor te zorgen dat dit voldoende eenvoudig en aantrekkelijk kan gebeuren, ligt echter niet bij degene die met een boodschappentas vol lege blikjes voor een defecte automaat staat.

Vooruitgang, maar nog geen eindstation

Het beeld van het Nederlandse statiegeldsysteem is daarmee minder eenduidig dan het persbericht van FWS suggereert. Er komen meer innamepunten, de inzamelpercentages stijgen en een meerderheid van de ondervraagde frisdrinkers ziet verbetering.

Tegelijkertijd ligt de inzameling nog onder de wettelijke norm van 90 procent en blijft bijna de helft van de ondervraagde consumenten zich ergeren aan wachttijden bij de automaten.

Het systeem lijkt dus beter te functioneren dan enkele jaren geleden. Dat is iets anders dan zeggen dat het inmiddels goed genoeg functioneert. Zolang de wettelijke inzameldoelstellingen niet worden gehaald, blijft er voor producenten, Verpact en Statiegeld Nederland nog het nodige werk liggen.

FWS – Frisdranken, Waters, Sappen