Er bestaan weinig activiteiten waarbij volwassen mensen zo overtuigend onzin kunnen verkopen als bij een blindproeverij.
Zet zes wijnliefhebbers aan tafel, schenk een onbekende wijn in en vraag wat ze proeven.
Binnen drie minuten bevindt iedereen zich in een Franse wijngaard, ergens tussen kalksteen, natte kiezelstenen en een oude paardendeken.

Niemand weet wat er in het glas zit.
Maar iedereen weet het zeker.
Welkom bij blind wijnproeven.
De enige sport waarbij je kunt verliezen zonder dat iemand durft toe te geven dat hij heeft gegokt.
De neus weet alles. Behalve de waarheid.

Er zijn mensen die na drie seconden ruiken aan een glas wijn precies weten uit welk land, welke streek en van welke druif die afkomstig is.
Dat zeggen ze tenminste.
Geef zo iemand een blind glas wijn en hij verandert onmiddellijk in een kruising tussen Sherlock Holmes, een meteoroloog en een man die dringend aandacht nodig heeft.
“Ik herken duidelijk de mineraliteit van kalkrijke bodems, een vleugje vuursteen en de invloed van een koel groeiseizoen.”
Indrukwekkend.
Vooral wanneer vijf minuten later blijkt dat hij een Spaanse huiswijn van vier euro vijftig voor een exclusieve witte Bourgogne heeft aangezien.
Maar geen nood.
Een echte wijnsnob vergist zich namelijk nooit.
De wijn is atypisch.
De fles bevindt zich in een gesloten fase.
Of de serveertemperatuur heeft het aromatische profiel verstoord.
Alles kan de schuld krijgen. Behalve de deskundige zelf.
Welkom in de wonderlijke wereld van het blindproeven.
De geografische gokmachine

Na het ruiken begint het echte werk.
De herkomst bepalen.
“Dit is duidelijk Bourgogne.”
“Interessant. Ik denk eerder aan de noordelijke Rhône.”
“Voor mij heeft hij toch iets Oostenrijks.”
En dan komt er altijd iemand die zegt:
“De zuren verraden een koel klimaat.”
Dat klinkt bijzonder deskundig.
Vooral omdat er op aarde nogal wat gebieden bestaan waar het af en toe koud is.
Vervolgens wordt de druif vastgesteld.
Chardonnay.
Of riesling.
Misschien chenin blanc.
Maar absoluut geen sauvignon blanc.
Tot de fles tevoorschijn komt.
Sauvignon blanc.
Uit Nieuw-Zeeland.
Iedereen zwijgt.
Even.
Het etiket heeft altijd gelijk

Het mooiste moment van een blindproeverij is de onthulling.
Dan gebeurt er iets wonderlijks.
De wijn die vijf minuten eerder nog werd omschreven als een elegante, gerijpte Bourgogne met verfijnde houttonen, blijkt een eenvoudige supermarktchardonnay van zeven euro negenennegentig.
Plotseling verandert de beoordeling.
“Ja, nu je het zegt, miste ik toch wat diepgang.”
Natuurlijk.
Die diepgang verdween precies op het moment dat de prijs bekend werd.
Andersom werkt het nog beter.
Een wijn die aanvankelijk wat zuur, stroef en onevenwichtig werd gevonden, blijkt afkomstig van een beroemde producent.
Honderdtachtig euro per fles.
Onmiddellijk verschijnen er nieuwe aroma’s.
Spanning.
Lengte.
Terroir.
En vooral bewondering.
Het wonder zit niet in de wijn, maar in het prijskaartje.
Wijnsnobisme met een kurkentrekker

Begrijp me goed.
Blindproeven is een uitstekende manier om je smaak en wijnkennis te ontwikkelen.
Je leert aandachtiger ruiken, beter proeven en vooroordelen herkennen.
Maar ergens onderweg is het ook een wedstrijd geworden in wie het overtuigendst kan klinken.
Niemand zegt:
“Ik weet het niet.”
Dat zou namelijk eerlijk zijn.
En eerlijkheid is binnen het professionele wijnsnobisme soms ongeveer even welkom als een ijsblokje in een oude Bordeaux.
Dus gebruiken we indrukwekkende woorden.
Structuur.
Textuur.
Spanning.
Verticaliteit.
Dat laatste vind ik bijzonder mooi.
Een wijn met verticaliteit.
Ik heb jarenlang gedacht dat wijn vooral horizontaal in een fles lag en verticaal in een glas stond.
Maar kennelijk mis ik iets.
Samen proeven, samen verdwalen

Het aardige aan blindproeven is dat iedereen uiteindelijk even kwetsbaar wordt.
De beginnende liefhebber gokt op merlot.
De ervaren sommelier vermoedt een cabernet franc uit de Loire.
En de zelfverklaarde wijnexpert houdt een betoog over vulkanische bodems.
Dan verschijnt de fles.
Een eenvoudige Spaanse garnacha.
Stilte.
Vervolgens klinkt de onvermijdelijke reddingspoging:
“Ja, achteraf gezien is dat eigenlijk heel logisch.”
Natuurlijk.
Achteraf is alles logisch.
Dat geldt voor wijn, aandelenkoersen en verkeerde huwelijken.
Ik blijf blindproeven overigens prachtig vinden.
Niet omdat ik altijd gelijk heb.
Integendeel.
Maar omdat het heerlijk is om te ontdekken hoe betrekkelijk onze zekerheden zijn.
En omdat een wijn zonder etiket soms veel lekkerder blijkt dan zijn reputatie doet vermoeden.
Dus schenk vooral nog eens in.
Laat mij ruiken, proeven en nadenken.
Misschien herken ik de druif.
Misschien zelfs de streek.
En als ik er volledig naast zit?
Dan zeg ik gewoon dat de wijn zich atypisch presenteert.
Want in de wijnwereld bestaat geen verkeerde gok.
Alleen een verrassend terroir.
Tot de volgende afdronk.
