Een dijk versterken met een nieuwe natuurzone, cellulose uit gebruikt wc-papier verwerken in gevelpanelen en de rioolwaterzuivering opnieuw uitvinden. Drie behoorlijk verschillende projecten, maar ze hebben sinds deze week één ding gemeen: ze zijn winnaar van de Waterinnovatieprijs 2026.
De prijzen werden op 16 september bekendgemaakt tijdens het Waterinnovatiefestival bij onderzoeksinstituut Wetsus in Leeuwarden. Waterschap Zuiderzeeland, Hoogheemraadschap De Stichtse Rijnlanden en Hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier sleepten de prijzen in de wacht. Bij die laatste innovatie werken inmiddels negen andere waterschappen en kennisorganisatie STOWA mee.
Voor de Waterinnovatieprijs 2026 waren in totaal 42 projecten aangemeld. De prijs is een initiatief vanuit de waterschapssector en heeft als doel nieuwe technieken en werkwijzen binnen het waterbeheer onder de aandacht te brengen.
Natuur moet IJsselmeerdijk helpen beschermen
Waterschap Zuiderzeeland won met de Vooroever dijkversterking IJsselmeerdijk. Bij dit project wordt circa twaalf kilometer van de IJsselmeerdijk in Oostelijk Flevoland niet uitsluitend op de traditionele manier versterkt.
Voor de bestaande dijk komt in het IJsselmeer een 50 tot 120 meter brede vooroever. Deze bestaat uit een parallel aan de dijk gelegen dam, met daarachter onder meer ondiep water, zand en rietzones. De constructie moet golven afremmen voordat ze de eigenlijke dijk bereiken. Tegelijkertijd ontstaat er nieuw leefgebied voor planten en dieren.
Het project geldt daarmee als een zogenoemde nature-based solution: natuurlijke processen en landschapselementen worden onderdeel van de technische oplossing.
De aanleg is inmiddels geen papieren plan meer. Begin september ging de uitvoering officieel van start. Ongeveer twaalf kilometer krijgt de vooroever; bij de resterende vijf kilometer worden meer conventionele maatregelen toegepast, zoals verhoging van de dijk en vervanging van de bekleding.
Van wc-papier naar gevelpaneel
Hoogheemraadschap De Stichtse Rijnlanden kreeg een prijs voor een innovatie met een grondstof die dagelijks massaal door het riool verdwijnt: wc-papier.
Op rioolwaterzuivering Leidsche Rijn wordt cellulose uit afvalwater teruggewonnen. Cellulose bestaat uit houtvezels en vormt een belangrijk bestanddeel van toiletpapier. In plaats van die vezels als afvalstroom te behandelen, kunnen ze na verwerking opnieuw als grondstof worden gebruikt.
Voor het bedrijfsgebouw van de rioolwaterzuivering in De Meern is de teruggewonnen cellulose verwerkt in gevelpanelen. Daarmee krijgt materiaal dat letterlijk door het toilet is gespoeld een tweede leven als bouwmateriaal.
Het laatste gevelpaneel werd in mei 2026 geplaatst. Cellulose uit afvalwater wordt overigens al langer onderzocht en toegepast als grondstof voor bijvoorbeeld wegverharding en andere materialen. De toepassing in gevelpanelen laat zien dat teruggewonnen cellulose ook in bouwproducten kan worden verwerkt.
Rioolwaterzuivering terug naar de tekentafel
De derde prijs ging naar Zuivering van de Toekomst, waarvan Hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier een van de deelnemers is. Inmiddels werken tien waterschappen en STOWA aan het programma.
De aanleiding is fundamenteel. De huidige rioolwaterzuiveringen zijn grotendeels gebaseerd op biologische zuivering met actief slib. Tegelijkertijd worden de eisen aan gezuiverd afvalwater strenger en hebben waterschappen ambities op het gebied van energiegebruik, broeikasgasuitstoot, hergebruik van water en terugwinning van grondstoffen.
Daarom onderzoeken de deelnemende organisaties of de rioolwaterzuivering vanaf de basis anders kan worden ontworpen.
Daarbij staat nog géén kant-en-klare nieuwe zuiveringsinstallatie klaar. Het programma vergelijkt verschillende combinaties van zuiveringstechnieken. Veel aandacht gaat uit naar fysisch-chemische technieken, zoals membraanfiltratie, coagulatie, flocculatie en ionenwisseling.
Het uiteindelijke doel is binnen vijf jaar een prototype te ontwikkelen en dat op pilotschaal te testen. Daarna zou een installatie op demonstratieschaal kunnen volgen.
Dat onderscheid is belangrijk: de prijs gaat dus niet naar een al bewezen rioolwaterzuivering van de toekomst, maar naar een onderzoeks- en ontwikkelingsprogramma dat zo’n nieuw concept probeert te realiseren.
Watersector zoekt naar andere oplossingen
Volgens Joris Bengevoord, bestuurslid innovatie bij de Unie van Waterschappen, dwingen onder meer extremer weer, verouderende infrastructuur, strengere eisen aan de waterkwaliteit en personeelstekorten de waterschappen om nieuwe oplossingen te zoeken.
De drie prijswinnaars laten vooral zien hoe breed dat begrip innovatie inmiddels wordt opgevat. Bij de ene winnaar vormt nieuwe natuur een onderdeel van de waterkering, bij de andere verandert een afvalstroom in bouwmateriaal en bij de derde wordt onderzocht of een techniek die al decennialang de basis vormt van rioolwaterzuivering uiteindelijk gedeeltelijk of zelfs fundamenteel moet worden vervangen.
De Waterinnovatieprijs wordt jaarlijks uitgereikt. Achter de prijs en het bijbehorende Waterinnovatiefestival staan de Unie van Waterschappen, Het Waterschapshuis, de Nederlandse Waterschapsbank en STOWA.
