Wie in de supermarkt een verse visfilet koopt, kan op het etiket doorgaans zien om welke vissoort het gaat, waar de vis is gevangen en met welk vistuig. Bij een blik tonijn, sardines of andere verwerkte visproducten ontbreekt die informatie regelmatig. Dat is niet alleen een keuze van producenten: de Europese wetgeving stelt aan deze producten minder vergaande informatie-eisen. Visexpert en Fish Tales-oprichter Bart van Olphen wil dat Brussel daar verandering in brengt.

Van Olphen bespreekt de kwestie in Brussel met Eurocommissaris voor Visserij en Oceanen Costas Kadis. Op uitnodiging van milieuorganisatie Oceana vraagt hij aandacht voor de verschillen in etiketteringsregels tussen verse en verwerkte vis.

Die verschillen bestaan daadwerkelijk. Verordening (EU) nr. 1379/2013 verplicht verkopers van onder meer verse en bevroren vis om consumenten informatie te geven over de handelsnaam en wetenschappelijke naam van de soort, de productiemethode, het vangst- of kweekgebied en bij wildvangst de gebruikte categorie vistuig. Die specifieke verplichtingen gelden niet op dezelfde manier voor bereide en geconserveerde producten, waaronder veel visconserven.

Oceana wijst al langer op dit verschil. De organisatie concludeerde eerder dat consumenten bij producten als tonijn in blik, vissticks en surimi vaak niet kunnen achterhalen welke soort precies is gebruikt, waar de vis vandaan komt en hoe deze is gevangen.

Onderzoek naar Nederlandse en Belgische blikvis

Volgens onderzoek dat Fish Tales presenteert, werden 202 verpakkingen van 34 merken onderzocht bij tien Nederlandse en Belgische supermarkten. Daaruit zou blijken dat 37 procent van de producten volgens de gehanteerde criteria helemaal niet transparant is over de herkomst en vangst. Nog eens 34 procent wordt als gedeeltelijk transparant aangemerkt en 29 procent als voldoende transparant.

Nederlandse producten scoorden volgens het onderzoek minder vaak volledig transparant dan Belgische producten: 43 procent van de Nederlandse verpakkingen werd als niet-transparant beoordeeld, tegenover 31 procent in België.

De vissoort stond volgens de onderzoekers op 65 procent van de onderzochte verpakkingen voldoende duidelijk aangegeven. Bij 55 procent was informatie over het vangstgebied aanwezig. De vangstmethode bleek het minst vaak vermeld: op 48 procent van de verpakkingen.

Deze percentages zijn afkomstig uit het door Fish Tales aangehaalde onderzoek. Zonder volledige publicatie van de onderzoeksopzet, steekproef en beoordelingscriteria kunnen de resultaten niet als representatief voor het gehele Nederlandse en Belgische aanbod worden beschouwd. Ze geven wel een indicatie van de verschillen tussen producenten.

Niet iedere tonijn is dezelfde tonijn

De discussie gaat verder dan alleen de hoeveelheid tekst op een etiket. Voor een beoordeling van de herkomst en mogelijke ecologische gevolgen is het relevant om te weten om welke soort het gaat, uit welk bestand de vis afkomstig is en met welke methode deze is gevangen.

De aanduiding ‘tonijn’ geeft bijvoorbeeld minder informatie dan de exacte soortnaam. Ook het vangstgebied speelt een rol: bestanden van dezelfde soort kunnen per regio sterk verschillen. Daarnaast kan de gebruikte vangstmethode gevolgen hebben voor onder meer bijvangst en de zeebodem.

Daarmee betekent meer informatie op het etiket overigens niet automatisch dat een product duurzaam is. Een consument moet die gegevens nog steeds kunnen interpreteren of raadplegen via bijvoorbeeld een viswijzer of andere onafhankelijke informatiebron. Wel maakt een nauwkeuriger etiket controle en vergelijking beter mogelijk.

FAO-cijfers vragen om nuance

Het persbericht stelt dat meer dan 90 procent van de wereldwijde visbestanden ‘maximaal bevist of overbevist’ zou zijn. Die veelgebruikte formulering geeft op basis van de nieuwste gegevens een vertekend beeld.

De meest recente wereldwijde beoordeling van de VN-Voedsel- en Landbouworganisatie FAO concludeert dat 64,5 procent van de onderzochte mariene visbestanden zich binnen biologisch duurzame niveaus bevindt. 35,5 procent wordt als overbevist aangemerkt. Wanneer naar het volume van de vangsten wordt gekeken, is 77,2 procent afkomstig uit biologisch duurzame bestanden.

Dat neemt niet weg dat overbevissing internationaal een aanzienlijk probleem blijft. De FAO constateert bovendien grote verschillen tussen regio’s en laat zien dat visbestanden in gebieden met effectief beheer aanzienlijk beter presteren.

Europese regels maken daadwerkelijk onderscheid

De term ‘loophole’ uit het persbericht is enigszins activistisch geformuleerd. Juridisch gezien gaat het eerder om een verschil in reikwijdte van de Europese etiketteringsregels.

De EU schrijft voor bepaalde verse, gekoelde en bevroren visproducten gedetailleerde consumenteninformatie voor, terwijl bereide en geconserveerde producten buiten een deel van die specifieke verplichtingen vallen. Oceana voert daarom al enkele jaren campagne om de regels uit te breiden naar alle vis- en zeevruchtenproducten.

Dat het probleem niet uitsluitend theoretisch is, blijkt ook uit ander onderzoek van Oceana. Bij een onderzoek naar 198 in Brussel en Milaan verkochte inktvisproducten bleek bijna de helft geen betekenisvolle informatie te geven over zowel de exacte soort als de vangstlocatie. Een later gepubliceerd DNA-onderzoek naar dezelfde markt wees bovendien op gevallen van verkeerde soort- of herkomstaanduidingen.

Meer informatie is nog geen duurzaamheidskeurmerk

Van Olphen en Oceana willen dat de Europese Commissie de regels aanscherpt en voor verwerkte vis minimaal de soort, herkomst en vangstmethode verplicht stelt.

Zo’n wijziging zou het verschil tussen verse en verwerkte vis verkleinen en consumenten meer mogelijkheden geven om producten met elkaar te vergelijken. Maar ook dan blijft een belangrijke nuance overeind: een uitgebreid etiket vertelt waar en hoe een vis is gevangen, maar bepaalt niet automatisch of die vis duurzaam is.

Daarvoor blijven gegevens nodig over onder meer de toestand van het betreffende visbestand, visserijdruk, bijvangst en de gevolgen van de vangstmethode voor het ecosysteem.

Meer transparantie lost de duurzaamheidsproblematiek van de visserij dus niet op. Maar zonder te weten welke vis waar en hoe is gevangen, valt er voor de consument überhaupt weinig te beoordelen.