Het is fascinerend hoe de beschaving afglijdt. Ooit hadden we kookboeken die ons lieten dromen van Escoffier, Bocuse en Julia Child. Nu staan de boekhandels vol met handleidingen voor de airfryer — een apparaat dat het midden houdt tussen een föhn en een broodrooster.

Deze boeken zijn de kleurplaten van onze tijd. Niet bedoeld om te leren koken, maar om ons het idee te geven dat we nog íets ambachtelijks doen. Net als mindfulness-kleurboeken zijn airfryer-kookboeken troostobjecten voor volwassenen die heimelijk weten dat ze de grip op hun culinaire waardigheid zijn kwijtgeraakt.

Want laten we eerlijk zijn: een airfryer is geen kookinstrument, het is een snelkookcabine voor gemakzucht. Het is de magnetron met een Instagram-filter. En die kookboeken… ze zijn geschreven alsof er een culinaire revolutie plaatsvindt, terwijl de recepten niet verder gaan dan: haal uit de vriezer, stop in de mand, druk op een knop. Dit is geen koken, dit is het gastronomisch equivalent van IKEA-meubels in elkaar schroeven met een inbussleutel.

Ik vraag me soms af wat Auguste Escoffier zou zeggen als hij dit zag. Waarschijnlijk zou hij huilend zijn koksjas verbranden en zich vrijwillig laten opsluiten in een koelcel. Ferran Adrià, die ooit schuim van wortel tot kunst verhief, zou de airfryer vermoedelijk verwarren met een haarstyling-apparaat. En Sergio Herman? Die zou er misschien een bitterbal in mikken, maar alleen als kunstproject — getiteld De Tragiek van de Hete Lucht.

Maar het wordt nog erger: de airfryer wordt verkocht als gezond. Alsof warme lucht ineens een bron van vitamines is. Alsof je lichaam denkt: “Ja hoor, deze diepvrieskroket telt als groente, want er zit geen olie in.” We hebben het punt bereikt waarop we onze eigen luiheid hernoemen tot lifestyle.

En misschien is dat precies de reden waarom dit fenomeen zo populair is. De airfryer is de perfecte metafoor voor onze tijd: veel wind, weinig inhoud. We doen alsof we koken, net zoals we doen alsof we mediteren met kleurpotloden of alsof we sporten door 10.000 stappen te zetten op weg naar de koelkast.

Dus ja, koop gerust dat zoveelste airfryer-boek. Zet het op de plank naast je kleurboek Mandala’s voor stressvrije managers en je roman die je nooit uitleest. Dan klopt het plaatje tenminste: een generatie die alles in de hete lucht stopt, behalve zichzelf.

Bonusrecept uit mijn eigen nog te verschijnen bestseller “Fine Dining in de Airfryer”:

  • Neem één pak diepvriespizza.
  • Vouw het dubbel zodat het nét in de lade past.
  • Strooi er wat rucola overheen voor het idee van versheid.
  • Zet de airfryer op 200 graden, 12 minuten.
  • Serveer op een houten plank met een glas lauwe prosecco.
    En voilà: Pizza alla Windtunnel. Michelin-sterren gegarandeerd.