Het Stadsmuseum van Oostende en de Koninklijke Oostendse Heem- en Geschiedkundige Kring ‘De Plate’ presenteren samen de tentoonstelling ‘Koningin Louise-Marie d’Orléans, 175 jaar in memoriam’. De expo zet het leven en de erfenis van onze eerste Belgische koningin in de kijker en zorgt zelfs voor een primeur in Oostende.

Die primeur is een uitzonderlijk nieuw topstuk dat de stad Oostende recent kon aankopen, nl. de gravure ‘Reine des belles, queen of beauties’ uit 1825. Het werk wordt voor het eerst aan het grote publiek getoond en geeft een zeldzaam beeld weer van de jonge Louise-Marie, nog voor ze als echtgenote van Koning Leopold 1 haar rol als eerste koningin van België zou opnemen.
En zo komen we meteen tot de tentoonstelling zelf. Naast de gravure zie je allerlei objecten, zoals postzegels, munten, medailles, kunstwerken, het bidprentje van haar overlijden, krantenknipsels en persoonlijke verhalen die het leven van Louise-Marie in Oostende duiden en die haar rol in de jonge Belgische monarchie belichten.

Verstandshuwelijk
Het was een louter diplomatiek huwelijk om de positie van ons land te verstevigen. Leopold 1 was weduwnaar van Charlotte, prinses van Wales en huwde op 9 augustus 1832 opnieuw met de veel jongere Louise-Marie, dochter van de Franse koning Louis-Philippe en koningin Marie-Amélie. Ze was de tweede uit een gezin van tien kinderen in het gezin d’ Orléans. Louise-Marie was een verwoede brievenschrijfster. Het was een zeer zorgvuldige koningin, die boeken las en aanzette tot nadenken. Daarbij toonde ze haar ontgoocheling telkens wanneer de koning haar buiten de politiek hield. Denk aan zijn reis naar Engeland om het huwelijk van Vicky, dochter van koningin Elisabeth, bij te wonen. Hij ging alleen, omdat de gezondheid van zijn echtgenote te fragiel zou zijn. Uit de geschriften merken we dat ze vaak heimwee had naar de gezellige drukte thuis.
Leopold 1 en Louise-Marie kregen vier kinderen. Louis-Philippe werd amper één jaar oud, Leopold zou de nieuwe troonopvolger worden. Daarnaast waren er nog Philippe en Charlotte. De opvoeding gebeurde veelal door gouvernantes en huisonderwijzers.

Verlichting
Ofschoon een beetje vergeten in onze geschiedenis bleek Louis-Marie een uitgesproken mening te hebben en was ze wat men noemde ‘een vrij verlichte geest’. Ze speelde alleszins een sleutelrol in de monarchie waaraan ze ook uitstraling gaf. Zo had ze, naar eigen zeggen, een warme relatie met het volk. Zo zette zich in voor tal van sociale en culturele projecten en zorgde Louise-Marie voor het vertrouwen in de monarchie bij de bevolking. Al vond dat volk haar dan weer afstandelijk, wellicht omdat de koningin vrij jong en timide was.

Zomerresidentie
Kort na het huwelijk in 1832 vond het koppel hun zomerverblijf in Oostende in een statig herenhuis aan de Langestraat 69, vandaag het Stadsmuseum. Een huis met geschiedenis, want aanvankelijk privéwoning, later hoofdkwartier van Napoleon, werd het aanvankelijk gehuurd door de vorsten. Men hoopte dat de zeelucht Louise-Marie goed zou doen en Leopold 1 kon vanuit de Belvedère Engeland zien liggen aan de overzijde van de Noordzee. Maar de koningin bleef verzwakken en op 11 oktober 1850 overleed ze, slechts 38 jaar oud, omringd door haar dierbaren. Ze werd opgebaard in haar slaapkamer, waarvan een reconstructie nu nog te zien is op de eerste verdieping van het Stadsmuseum. Ramen en spiegels werden afgedekt en de klok stil gezet op het uur van haar overlijden.

Rouw
Op 14 oktober 1850 trok de rouwstoet met de lijkwagen door de stad. Oostende was drie dagen in rouw. Huizen, winkels, luiken, alles bleef dicht. In de haven lagen de schepen met de vlaggen halfstok. Een week na haar dood zamelde men geld in voor een witmarmeren praalgraf in de crypte van de Sint-Pieterskerk. Die kerk ging in 1896 in vlammen op, maar het praalgraf bleef intact. De nieuwe kerk Sint-Petrus en Paulus werd op dezelfde plaats gebouwd. Zoon, koning Leopold 2 gaf de opdracht aan architect Louis de la Censerie om een zeshoekige koninginnekapel te bouwen in neogotische stijl. Zelf werd de koningin bijgezet in de crypte van Laken.
Het was ook Leopold 2 die het herenhuis, koninklijke residentie, aan de Langestraat kocht in 1867 en het nadien als bezit schonk aan de Koninklijke Schenking. Die liet het gebouw restaureren en klasseren. Sinds 2024 staat het huis genoteerd als ‘bouwkundig erfgoed’.
Praktisch: de tentoonstelling Koningin Louise-Marie d’Orléans, 175 jaar in memoriam loopt nog tot 4 mei in het Stadsmuseum, Langestraat 69 in 8400 Oostende, info: www.stadsmuseumoostende.be of via e-mail: stadsmuseum@oostende.be. Gesloten op dinsdag. De toegang tot de tijdelijke tentoonstelling is inbegrepen in het ticket voor het Stadsmuseum waar je nog een zee van andere verhalen wacht.
