De Universiteitsbibliotheek Leiden heeft een uitzonderlijk stuk Japans-Nederlandse geschiedenis aan de collectie toegevoegd: de oudst bekende plattegrond van Dejima, het kunstmatige Nederlandse eiland voor de kust van Nagasaki. De handgetekende kaart dateert van rond 1720 en is een belangrijke nieuwe bron voor onderzoek naar de lange, complexe relatie tussen Japan en Nederland.
Kadastraal kijkje achter de schermen
De plattegrond (maar liefst 87 bij 38 centimeter) toont het waaiervormige eiland in opvallend detail. Rond de centrale straat zijn woonhuizen, pakhuizen en waterputten te zien. Ook de aanmeerhaven, een paardenstalling en, cruciaal, de enige brug naar het vaste land staan erop.
Bijzonder is dat de kaart niet alleen topografisch is, maar vooral bestuurlijk: het document werd rond 1720 gemaakt voor Japanse ambtenaren om controle te houden op de Nederlandse bewoners. Het is in feite een soort kadaster: bij ieder gebouw staat vermeld wie er woonde en welke belasting moest worden betaald.
De kaart bevat bovendien opgeplakte flapjes met naamswijzigingen, wat erop wijst dat het document over langere tijd is bijgewerkt. Een administratieve kaart dus, maar eentje met een levend verleden.
Dejima: het enige westerse venster op Japan
Dejima was een kunstmatig aangelegd eiland, waaiervormig en ongeveer zo groot als de Dam in Amsterdam. Van 1641 tot 1859 fungeerde het als Nederlandse handelspost van de VOC en vooral: als de enige plek waar Japan contact met de westerse wereld toestond.
Alle andere westerse mogendheden waren in die periode de toegang tot Japan ontzegd. Ook de Nederlanders leefden op Dejima onder strikte regels: hooguit twintig mochten er tegelijk verblijven en het eiland verlaten was vrijwel verboden.
Tegelijk draaide het eiland op Japanse arbeid: er werkten zo’n 270 Japanners, waaronder vertalers, leveranciers, koks, bedienden, poortwachters, dragers, brandwachten en courtisanes.
Aanwinst voor unieke Leidse Japan-collectie
Leiden beschikt al over een grote collectie Japanse handschriften, drukken, kaarten en atlassen. Maar juist een gedetailleerde plattegrond van Dejima ontbrak nog. Met deze aanwinst wordt een belangrijk gat in de collectie gedicht.
De aanschaf werd mogelijk gemaakt via een anonieme particuliere schenking aan het Leids Universiteits Fonds.
Kortom: een kaart die ooit bedoeld was om Nederlanders te controleren, belandt nu in Leiden om geschiedenis beter te begrijpen. Ironie kan ook gewoon in inkt en papier.
