De btw-verhoging op hotelovernachtingen laat zich direct voelen in de Nederlandse toerismesector. Sinds 1 januari 2026 betalen gasten fors meer voor een hotelnacht, en dat verandert het reisgedrag sneller dan menig beleidsmaker waarschijnlijk had gehoopt.
Uit een analyse van HotelSpecials blijkt dat Nederlandse reizigers steeds vaker kiezen voor een hotel net over de grens. Vooral Duitsland profiteert daarvan.
Nederlander zoekt goedkopere hotelkamer over de grens
De binnenlandse vraag naar Nederlandse hotels daalde in het eerste kwartaal van 2026 met 24% ten opzichte van een jaar eerder. Tegelijkertijd steeg de vraag naar hotels in Duitsland met 40%. Ook België profiteerde mee, met een groei van 9%.
Vooral grensprovincies voelen de pijn. In Limburg liep de vraag zelfs met meer dan 30% terug. Dat is niet verrassend: wie vanuit Zuid-Limburg een halfuur rijdt, betaalt in Duitsland vaak minder voor een hotelkamer én goedkoper voor schnitzel en parkeren. De rekensom is snel gemaakt.
Buitenlandse toeristen haken eveneens af
Niet alleen Nederlanders kijken kritischer naar de prijs. Ook buitenlandse bezoekers lijken Nederland minder aantrekkelijk te vinden sinds de btw-verhoging.
De vraag vanuit Duitsland naar Nederlandse hotels daalde met 2%, terwijl Belgische belangstelling zelfs met 20% terugviel. Tegelijkertijd blijft de binnenlandse vraag in België stabiel en groeit die in Duitsland nog altijd door.
De cijfers onderstrepen hoe gevoelig toerisme blijft voor prijsverschillen. Reizigers vergelijken tegenwoordig moeiteloos bestemmingen, en loyaliteit stopt vaak bij de betaalpagina.
Hoteliers slikken deel van de pijn zelf
Opvallend genoeg steeg de gemiddelde kamerprijs in Nederland relatief beperkt: van €111 naar €116 per nacht, een stijging van ongeveer 4%. Dat suggereert dat veel hotels een flink deel van de hogere btw zelf hebben opgevangen om gasten niet volledig weg te prijzen.
Dat klinkt sympathiek, maar het zet de marges stevig onder druk. Zeker in een sector die al kampt met hoge personeels-, energie- en inkoopkosten.
Meer dan alleen hotels geraakt
De impact beperkt zich niet tot de hotelbranche. Minder overnachtingen betekenen automatisch minder omzet voor restaurants, winkels, musea en vervoersdiensten. De toeristische sector is in Nederland goed voor ongeveer 450.000 directe banen, waarvan veel functies worden ingevuld door jongeren.
Een structurele daling in bezoekersaantallen raakt dus een veel bredere economische keten.
Nederland prijst zich uit de markt
Internationaal gezien staat Nederland inmiddels opvallend hoog in de btw-ranglijst voor hotelovernachtingen. Duitsland rekent 7%, België 12% en Nederland inmiddels 21%.
Dat verschil klinkt technisch, maar voelt voor consumenten heel concreet. Zeker bij korte vakanties of stedentrips maakt een paar tientjes verschil ineens uit. En dan blijkt een hotel in Düsseldorf of Antwerpen opeens verdacht aantrekkelijk.
De toeristische sector waarschuwt al langer dat Nederland voorzichtig moet zijn met prijsverhogingen. Want hoe mooi de bestemming ook is, de reiziger rekent tegenwoordig net zo hard als de Belastingdienst.
