Een wandkleed van 35 meter lang en 2,5 meter hoog, met meer dan 600 makers. Vanaf vandaag is het monumentale textielwerk te zien in de Grote Kerk Den Haag. Daarna wordt het opgenomen in de collectie van Kunstmuseum Den Haag.
Het kleed is het resultaat van het participatieve project Draden van ons Nederlandse slavernijverleden, editie Zuid-Holland. Iedere steek staat symbool voor herinneren, onderzoeken en doorgeven. Het werk stelt vragen over het koloniale slavernijverleden en verrijkt dat verhaal met nieuwe perspectieven uit de provincie zelf.
Collectief maakproces
Kunstenaar Marcos Kueh ontwierp het Zuid-Hollandse wandkleed. Inwoners uit onder meer Delft, Den Haag, Dordrecht, Gouda, Leiden en Rotterdam werkten het ontwerp gezamenlijk uit in ateliers en tijdelijke werkplaatsen. Ze gebruikten uiteenlopende technieken: borduren, quilten, punchen, tuften en vilten.
Het project draaide niet alleen om het eindresultaat, maar vooral om het proces. Tijdens het maken deelden deelnemers verhalen, kennis en persoonlijke reflecties. Het wandkleed groeide zo uit tot een plek van ontmoeting, letterlijk draad voor draad.
Geïnspireerd op glas-in-lood
De beeldtaal van het ontwerp verwijst naar glas-in-loodramen. Daarmee legt Kueh een verbinding met religieuze beeldtradities én met de historische rol van religie en koloniale machtsstructuren bij de legitimering van slavernij en expansie. Het resultaat oogt monumentaal en ingetogen tegelijk: een kleurrijk geheel waarin symboliek en textieltechniek samenkomen.
Reizend monument
Het wandkleed is van 13 tot en met 22 februari 2026 te zien in de Grote Kerk. Daarna reist het door Zuid-Holland: van 6 mei tot en met 5 juni 2026 naar het Atrium van het stadhuis in Den Haag en van juli tot en met september naar de Oude Kerk in Delft.
Landelijk is het project inmiddels in zeven provincies uitgevoerd. In totaal werkten circa 4.000 mensen mee aan zeven wandkleden. Het initiatief loopt tot 2027 en beoogt in elf provincies een monumentaal textielwerk te realiseren.
Kunst als gezamenlijke reflectie
Initiatiefnemer Ricardo Burgzorg ziet het project als een manier om historisch onderzoek, kunst en gemeenschap samen te brengen. Volgens hem verdiept maatschappelijk bewustzijn zich wanneer kennis, verbeelding en ontmoeting elkaar versterken.
Algemeen directeur Margriet Schavemaker noemt het een eer dat het werk wordt opgenomen in de museumcollectie. Het collectieve karakter, het samen maken en betekenis geven, sluit volgens haar naadloos aan bij de rol van het museum als plek van verbinding.
Met dit wandkleed krijgt een beladen verleden een tastbare vorm. Geen afgesloten hoofdstuk, maar een verhaal dat letterlijk verder wordt geweven.
